KLIC-tekening controleren vóór uitvoering: 8 praktische checks
Een KLIC-tekening is pas bruikbaar als de informatie klopt voor de plek, het moment en de werkzaamheden waarvoor je haar inzet. Toch gaat de controle in de praktijk vaak niet verder dan: “de kabels en leidingen staan erop”. Daarmee mis je precies de fouten die later tot vertraging, herstelwerk of onveilige keuzes kunnen leiden. Denk aan een verkeerde projectgrens, een oude levering, ontbrekende bijlagen of lagen die in CAD niet goed zichtbaar zijn.
In dit artikel lees je hoe je een KLIC-tekening vóór de uitvoering systematisch controleert. De acht controles zijn bedoeld voor werkvoorbereiders, uitvoerders, tekenaars en GIS-specialisten die van een KLIC-levering een betrouwbare projectondergrond willen maken. Ze vervangen geen zorgvuldige voorbereiding of aanwijzingen van netbeheerders, maar zorgen wel voor een aantoonbare en herhaalbare kwaliteitscontrole.
Wat bedoelen we met een KLIC-tekening?
Na een graafmelding of oriëntatieverzoek ontvang je digitale kabel- en leidinginformatie via een downloadlink naar een zipbestand. Je kunt de levering bekijken met de KLIC-viewer of verwerken tot PDF, DWG, DXF, GeoPackage of een cloudkaart.
Met “KLIC-tekening” bedoelen we hier de visuele projectweergave die medewerkers gebruiken bij ontwerp, voorbereiding of uitvoering. Dat kan dus de officiële viewer zijn, maar ook een geconverteerde CAD- of GIS-weergave. Juist bij conversie en overdracht is controle belangrijk: de bron kan volledig zijn, terwijl een filter, laaginstelling of export toch informatie onzichtbaar maakt.
Waarom één visuele check onvoldoende is
Een kaartbeeld kan overtuigend ogen en toch niet geschikt zijn voor de geplande werkzaamheden. De kwaliteit hangt ook af van de juiste locatie, actualiteit, volledigheid, zichtbaarheid en versie. Met vaste controlepunten wordt de beoordeling minder afhankelijk van iemands ervaring of geheugen.
1. Controleer meldnummer, projectnaam en locatie
Begin niet bij de lijnen op de kaart, maar bij de identiteit van de levering. Controleer het meldnummer, de projectnaam, het adres of de projectreferentie en de getoonde geometrie. Vergelijk de graafpolygoon met de actuele werkgrens. Let daarbij ook op tijdelijke werkruimte, sleuven, boringen, bouwwegen, opslaglocaties en aanrijroutes.
Een veelvoorkomende fout is dat een te kleine uitsnede wordt gebruikt. Het ontwerp past binnen de polygoon, maar de feitelijke uitvoering vraagt ruimte erbuiten. De informatiepolygoon kan aanvullende informatie rond het graafgebied bevatten, maar verandert het graafgebied zelf niet. Maak daarom expliciet zichtbaar welk deel voor de werkzaamheden is gemeld en welk deel alleen ter oriëntatie wordt bekeken.
2. Controleer datum, status en beoogd gebruik
Een KLIC-tekening is geen losstaand archiefdocument. De actualiteit moet passen bij de geplande start van het graafwerk. Controleer daarom wanneer de melding is gedaan, wanneer de levering is ontvangen en wanneer de werkzaamheden starten. Het Kadaster vermeldt voor grondroerders dat werkzaamheden binnen twintig werkdagen na de graafmelding starten.
Maak bovendien onderscheid tussen een oriëntatieverzoek en een graafmelding. Een oriëntatieverzoek ondersteunt voorbereiding en ontwerp, maar wanneer de startdatum van machinale graafwerkzaamheden bekend is, is alsnog een graafmelding nodig. Zet het type levering daarom zichtbaar in je werkpakket. Daarmee voorkom je dat een ontwerpweergave ongemerkt als uitvoeringsdocument wordt gebruikt.
Als planning, scope of locatie verandert, beoordeel dan opnieuw of de bestaande levering nog de juiste basis vormt. “Recent” is niet hetzelfde als “passend voor deze werkzaamheden”.
3. Vergelijk de tekening met de volledige levering
Een KLIC-levering bestaat uit meer dan één kaartbeeld. De leveringsmail verwijst naar een zipbestand met kabel- en leidinginformatie. Daarin kunnen aanvullende documenten, contactgegevens en instructies staan. Controleer of de gebruikte tekening is opgebouwd uit de complete levering en of er geen onderdelen zijn overgeslagen tijdens downloaden, uitpakken of converteren.
Gebruik de leveringsbrief als controledocument. Daarop staan onder meer het meldnummer en contactgegevens van netbeheerders. Controleer ook of documenten die bij specifieke netten horen beschikbaar blijven voor de uitvoerder. Een nette DWG zonder de bijbehorende aanwijzingen is geen volledige overdracht.
Sla de originele levering ongewijzigd op naast de afgeleide bestanden. Zo kun je later altijd terug naar de bron en vaststellen welke conversie of selectie is gebruikt.
4. Controleer lagen, legenda en zichtbaarheid
Open de KLIC-tekening niet alleen in de applicatie waarin zij is gemaakt, maar ook in de software waarin zij daadwerkelijk wordt gebruikt. Controleer of lagen aanstaan, kleuren voldoende contrast hebben en symbolen overeenkomen met de legenda. Let extra op witte lijnen op een witte achtergrond, schaalafhankelijke objecten en teksten die bij inzoomen verdwijnen.
In CAD kan een laag uitgeschakeld, bevroren of niet-plotbaar zijn. In GIS kunnen schaalbereiken, filters of stijlen objecten verbergen. Controleer daarom zowel het schermbeeld als een proefexport naar PDF. Als buiten met een tablet wordt gewerkt, test dan ook de mobiele weergave.
Wil je eerst begrijpen hoe kleuren, thema’s en kaartonderdelen samenhangen? Lees dan ook hoe je een KLIC-overzichtskaart leest.
5. Controleer coördinatenstelsel en aansluiting op projectdata
Een verschoven KLIC-laag valt soms pas op wanneer ontwerp, luchtfoto en kabelinformatie worden gecombineerd. Controleer daarom welk coördinatenstelsel de bron en het project gebruiken. Leg herkenbare referenties naast elkaar, bijvoorbeeld perceelgrenzen, wegassen, gebouwen of ingemeten punten. Kijk niet alleen of de kaart “ongeveer goed” ligt, maar of de aansluiting logisch en reproduceerbaar is.
Voorkom handmatige verschuivingen om een visueel verschil te corrigeren. Daarmee maak je een nieuw bestand waarvan later niet meer duidelijk is wat er met de bron is gebeurd. Los een verschil op bij de import, transformatie of projectinstelling en documenteer de gekozen werkwijze.
Voor teams die met verschillende programma’s werken is een gestandaardiseerde conversie naar CAD en GIS praktischer dan losse handmatige imports. Bekijk hiervoor de mogelijkheden om KLIC-data naar DWG, DXF of GeoPackage om te zetten.
6. Controleer detailinformatie en bijzondere aanwijzingen
Een lijn op de kaart vertelt niet automatisch alles wat nodig is voor uitvoering. Bekijk daarom de objectinformatie, labels, bijlagen en eventuele bijzondere aanwijzingen. Controleer of maatvoering leesbaar is en of verwijzingen naar aanvullende documenten werken. Besteed extra aandacht aan situaties waarin de informatie vragen oproept, bijvoorbeeld een netwerk dat bij de projectgrens stopt, een onverwachte kruising of een object zonder duidelijke identificatie.
Het Kadaster noemt ook situaties waarin contact met de netbeheerder nodig is, bijvoorbeeld wanneer de ligging meer dan één meter afwijkt van de kaart. De juiste contactgegevens staan in de levering. Zorg dat de uitvoerder weet waar die gegevens staan en hoe een afwijking intern wordt vastgelegd.
7. Controleer versiebeheer en overdracht
Veel fouten ontstaan niet in de KLIC-data zelf, maar in de overdracht. Een werkvoorbereider verwerkt een nieuwe levering, terwijl buiten nog een eerder geëxporteerde PDF wordt gebruikt. Richt daarom één herkenbare bron in en voorkom parallelle bestanden met namen als “definitief”, “definitief2” en “nieuwste”.
Een bruikbare bestandsnaam bevat minimaal project, meldnummer, leveringsdatum en versie. Noteer daarnaast wie de controle uitvoerde en op welke datum. Als er een nieuwe levering komt, archiveer de oude versie zichtbaar als vervallen en communiceer welke werkpakketten moeten worden vervangen.
Werk je met veel projecten of meerdere teams, dan helpt een centrale omgeving om dezelfde informatie beschikbaar te maken op kantoor en buiten. Lees hoe je verkeerde versies van KLIC-meldingen voorkomt.
8. Doe een laatste uitvoeringscheck
Sluit de controle af met de mensen die het werk uitvoeren. Laat de uitvoerder de kaart openen op het apparaat dat buiten wordt gebruikt en bespreek de werkgrens, risicovolle kruisingen, bijzondere aanwijzingen en ontbrekende informatie. Controleer of bijlagen ook zonder vaste kantooromgeving bereikbaar zijn.
Gebruik een korte vrijgavechecklist. Bijvoorbeeld:
- Het meldnummer hoort bij de werkopdracht.
- Graafgebied en feitelijke werkzaamheden komen overeen.
- Type melding en uitvoeringsdatum zijn passend.
- Originele levering, leveringsbrief en bijlagen zijn aanwezig.
- Alle relevante lagen en labels zijn zichtbaar.
- Coördinatenstelsel en aansluiting op projectdata zijn gecontroleerd.
- Vragen en aanwijzingen van netbeheerders zijn vastgelegd.
- De gebruikte versie is vrijgegeven voor het uitvoeringsteam.
Een checklist is vooral waardevol wanneer zij onderdeel wordt van het normale proces. Koppel haar daarom aan de werkmap, projectfase of digitale goedkeuring en bewaar de uitkomst bij de levering.
Van controle naar een herhaalbaar proces
De beste KLIC-controle is niet afhankelijk van één ervaren medewerker. Leg rollen vast: wie ontvangt de levering, wie converteert, wie controleert de kaart en wie geeft haar vrij? Gebruik steeds dezelfde naamgeving, mapstructuur en controlepunten. Zo wordt kwaliteit meetbaar en overdraagbaar.
Automatisering helpt bij terugkerende handelingen. Een vaste conversie vermindert verschillen tussen tekenaars en centrale ontsluiting voorkomt verspreide exports. De inhoudelijke beoordeling blijft nodig: software weet niet vanzelf of projectgrens, planning en werkmethode nog kloppen.
Wil je zien hoe KlicConverter een originele levering omzet naar consistente CAD- en GIS-bestanden of centraal beschikbaar maakt voor je team? Plan een vrijblijvende demo. Dan bekijken we welke werkwijze het beste aansluit op jouw projecten en software.
Veelgestelde vragen over het controleren van een KLIC-tekening
Is een PDF van de KLIC-kaart voldoende voor de uitvoering?
Een PDF is handig voor overzicht, maar controleer ook de volledige levering en bijlagen. Niet alle objectinformatie of documenten staan in één kaartbeeld.
Moet ik de originele zip bewaren na conversie?
Ja. Bewaar de originele levering ongewijzigd naast afgeleide DWG-, DXF-, PDF- of GIS-bestanden. Daarmee houd je de herkomst controleerbaar en kun je bij vragen terug naar de bron.
Wie moet de KLIC-tekening controleren?
Verdeel de controle over voorbereiding en uitvoering. De werkvoorbereider controleert levering, scope, conversie en versie; de uitvoerder controleert het werkdocument en de bijzonderheden.